Tuybens klaar om Reynders handje toe te steken Afdrukken E-mail
23/05/2008

"Volledige transparantie en duurzaamheid in de verloning van topmanagers, een plafonnering van de riante afscheidspremies en klantvriendelijke criteria voor bonussen." Dat zijn de speerpunten van de wetsvoorstellen die Bruno Tuybens volgende week in het parlement indient.

Minister Reynders kondigt aan dat hij iets wil doen aan de graaicultuur van topmanagers. Voor het einde van het jaar wil hij beperkingen van de opstapvergoedingen, de wijze van toekennen van bonussen en hogere transparantie. "Wat voor gewone ondernemingen geldt, moet zeker gelden voor overheidsbedrijven", aldus nog de vice-eerste minister.

Tuybens is tevreden dat nu ook de regering overtuigd is dat er dringend iets moet gebeuren aan de loonontsporingen voor topmanagers. Hij hoopt dat minister Reynders nu de vlucht vooruit neemt en wil daarom de minister een handje toesteken. Eerstdaags komt Tuybens met een aantal wetsvoorstellen om onverantwoorde, excessieve verloningen een halt toe te roepen.

 

Een eerste wetsvoorstel wil voor alle vennootschappen de passende openbaarmaking regelen van alle rechtstreekse en onrechtstreekse bezoldigingen van de leden van het directiecomité. Naast volledige transparantie legt het wetsvoorstel criteria op basis waarvan bonussen worden uitgekeerd.

Bruno Tuybens: "Voor wat, hoort wat. Een bonus moet je verdienen. Vermits de bedrijfsvoering van de ondernemingen en hun topmanagers een belangrijke impact hebben op personeel, milieu en de samenleving, moet de variabele vergoeding van CEO en topmanagement dan ook gekoppeld zijn aan de evolutie van de tevredenheid van de klanten en het personeel, de opleidingsinspanningen, de vermindering van de negatieve milieu-impact van de onderneming, en dergelijke."

Verder wil Tuybens de wet van 26 maart 1999 op de aandelenoptieplannen herzien. "Want", zo zegt de voormalige staatssecretaris voor Overheidsbedrijven, "de huidige wet spoort topmanagers aan om ad-hoc beslissing te nemen. Topmanagers denken daardoor niet meer op lange termijn en dat staat een duurzaam beleid in de weg." Bovendien wil Tuybens de ontslagvergoedingen (de ‘golden parachutes') plafonneren.

Bruno Tuybens: "Sommigen verdienen meer op de dag dat ze hun bureau leegmaken, dan een arbeid(st)er op een heel jaar tijd. Wat een flinke mislukking zou moeten zijn, wordt nu een grootse beloning."

Meer nog dan andere bedrijven, hebben overheidsbedrijven een voorbeeldfunctie te vervullen. Tuybens wil daarom de ontslagvergoeding van het management beperken tot één jaarsalaris, zoals dat nu ook in Nederland bestaat.

Bruno Tuybens: "Minister Reynders kondigt nu al aan dat hij het bedrijfsleven niets door de strot wil rammen. Het is te hopen dat dit weer geen aankondiging is maar binnenkort realiteit. "

 

 

 
< Vorige   Volgende >
 Focus  
31.01.2012

De federale regering vond een langverwachte uitweg over de splitsing van BHV, slaagde er in een uitgebalanceerde begroting 2012 op te stellen, maar slaagt er alsnog niet in bij consensus de raad van bestuur van Dexia Bank België samen te stellen. "Omdat de regering vertrekt vanuit een bunkervisie", zegt Tuybens. "Dit is niet consequent ten aanzien van de vraag van de overheid om diversiteit te creëren in bestuursraden en wellicht heeft een loutere partijpolitieke keuze weinig draagvlak bij de bevolking." Hij pleit voor echte onafhankelijke bestuurders, à rato van één op zes.

Het is wetenschappelijk bewezen dat, hoe diverser samengesteld een groep beslissers, hoe meer kans er is dat een genomen beslissing breed gedragen wordt en langetermijnfocus heeft. Vandaar dat het goed zou zijn dat er, naast aangeduide en bekwame overheidsbestuurders, ook echt onafhankelijke bestuurders zouden komen. Het principe is al in 2006 bij de FPIM met succes uitgetest.

Opgelet: we hebben schitterende, enorm bekwame overheidsbestuurders! Maar enkel door de partijen aangeduide vertegenwoordigers zorgen niet voor die nodige diversiteit. Er zijn andere belanghebbenden zoals de klanten, het personeel, en een bedrijf heeft meer verantwoording af te leggen dan louter de aandeelhouders. De Wet van 2 augustus 2002 heeft het systeem van niet-uitvoerende, onafhankelijke bestuurders ingevoerd in het bedrijfsleven. In de Memorie van toelichting staat te lezen : "De aanwezigheid van onafhankelijke bestuurders kan ertoe bijdragen dat de resultaten die de vennootschap genereert ook in het belang van de werknemers zullen kunnen worden aangewend.". Verder ook nog "De onafhankelijke bestuurder wordt aangeduid tot de bewaker van de belangen van de onderneming, met inbegrip van haar werknemers en van de andere stakeholders".

Na zes maand armworstelen met Didier Reynders in de regering slaagde ik in 2006 als staatssecretaris voor overheidsbedrijven bij FPIM twee echte onafhankelijke bestuurders te kunnen aanduiden. Twee nobele onbekende specialisten, die op basis van advertenties in Vacature en Job-At in contact zijn gekomen met deze functies, en waarvan een jury van vier topmensen alles wist van de kandidaten qua skills en motivatie, behalve hun politieke voorkeur. De jury, bestaande uit een academicus en topmensen van CBFA en de Nationale Bank van België, selecteerde objectief en in consensus de meest geschikte kandidaten. De wet bepaalde de criteria van niet-partij-aanhorigheid (zie volledige tekst onderaan). De CEO van bpost, Johnny Thijs, zei me toen vooraf dat het me nooit zou lukken, dat ik absoluut een headhunter onder de arm diende te nemen. De commerciële belangen, het elkaars rug krabben. de headhunters zijn zoals de ratingbureaus : ik schrijf wat je wil, als je ons maar nieuwe opdrachten geeft nadien.

Bovendien schrijven deze twee onafhankelijke bestuurders hun eigen pagina's in het jaarrapport van FPIM, zonder dat iemand mee over de schouders kijkt. Een verantwoording aan de samenleving, niet uitsluitend aan de regering.

Mijn voorstel is dan ook om telkens voor elke zes bestuurders één ‘echt' onafhankelijke bestuurder te benoemen volgens de bestaande FPIM-wetgeving. Dit zal zorgen voor mensen met meer voorbereidingstijd en een breder gezichtsveld. Bovendien sluit een dergelijke samenstelling van de raad van bestuur meer aan bij de wensen en de belangen van de klanten en het personeel van de onderneming. We kunnen als overheid met meer kracht van grote private ondernemingen hetzelfde eisen, meer druk zetten op de effectieve tenuitvoerbrenging van hun eigen corporate governance principes zonder de vluchtweg van de ‘comply or explain' te moeten inslaan, hun maatschappelijke verantwoording is vandaag veel te laag ten opzichte van hun impact.

 
 
Home
Biografie
Parlement
Zwalm
Regio
Ondernemingen
Mensenrechten
Staatssecretaris '05-'07
Foto's
Links
Nieuwsbrief
Contact