Kadhafi? In hemelsnaam, geen sterke signalen! Afdrukken E-mail
23/02/2011

s.pa -senator Marleen Temmerman en volksvertegenwoordigers Dirk Van der Maelen en Bruno Tuybens hekelen de lauwe reactie van minister van Buitenlandse Zaken Steven Vanacker (CD&V) - niet het moment om gespierde taal te hanteren - op de gebeurtenissen in Libië. ‘Een hele enge redenering voor een democratisch politicus.'

Minister Vanackere heeft een hekel aan sterke signalen. Dat wisten we al toen China de hele internationale gemeenschap afdreigde over de Nobelprijs voor de Vrede van Liu Xiaboa. Amerikaans president Obama veroordeelde dit wél op prime time televisie. Vanackere, toen EU-voorzitter, had het in de Kamer over ‘te veel aandacht voor het signaal' en vond dit niet de ‘gepaste toon'. 

Diezelfde Vanackere ging in mei in tegen verschillende negatieve adviezen van zijn administratie om Kolonel Khaddafi een zitje te bezorgen in de VN-Mensenrechtenraad. Dat hij toen marchandeerde over de mensenrechten geeft de minister nu ‘een wrang gevoel'.

Berouw komt na de zonde. Maar de situatie was toen toch zo anders. Het schenden van de mensenrechten en het gebrek aan oppositie werden met de christelijke mantel der liefde bedekt. Twijfels over de geestelijke gezondheid van de ‘Broeder Leider' Khaddafi waren ondergeschikt aan de economische belangen .

Nu deze man zijn wapens van Belgische topkwaliteit richt op zijn eigen onschuldige bevolking vindt Minister Vanackere het ‘niet het moment om gespierde taal te hanteren'. In 's hemelsnaam geen sterke signalen!

Een oproep tot schorsing uit de mensenrechtenraad ziet hij ook niet zitten omdat daarvoor geen meerderheid zou zijn. Dit is een hele enge redenering voor een democratisch politicus. Politiek vertrekt toch van idealen en waarden. Het is aan politici om deze te verdedigen en om zoveel mogelijk mensen te overtuigen en een democratische meerderheid te zoeken.

Dit kan even duren, soms moeten geesten rijpen. Maar het is niet omdat er nu geen meerderheid is, dat men moet zwijgen. Met deze redenering was er nooit sprake geweest van vrouwenstemrecht. Gaat de minister met deze ingesteldheid dan elk heikel onderwerp uit de weg bij bilaterale relaties? Of prefereert hij toch gewoon gezellig een fruitsapje bij Kabila?

Het zoeken naar meerderheden binnen de Mensenrechtenraad is trouwens niet echt aan de orde. Men moet daar volgens de statuten aan bepaalde standaarden voldoen om toegelaten te worden. Achteraf marchanderen is wat kleintjes.

Intussen proberen alle EU-ministers van Buitenlandse Zaken een gezamenlijk standpunt in te nemen over de brandhaarden in de Arabische wereld. Iedere keer mondt dat uit in een slap en klef compromis, waar de mensen daar niet mee geholpen zijn.

Over de toestand in Libië veroordeelden de EU-ministers het geweld en de dood van de burgers in een verklaring. Wij hoorden geen sancties en er kwam geen bevriezing van de financiële tegoeden. Minister Vanackere zei hierover in Terzake dat de buitenwereld vooral geen uitspraak mag doen, want het regime zou dat wel eens als excuus kunnen gebruiken.

Ook dit is de wereld op zijn kop. Een excuus om wat te doen? Om de mensen met straaljagers te beschieten? Om vrouwen en kinderen in koelen bloeden neer te schieten? De EU moet meer met één stem spreken, om haar eigen democratische waarden beter in de etalage te plaatsen. De EU mag niet langer in de coulissen van het wereldtoneel lopen scharrelen.

De uitbouw van de eigen diplomatieke dienst met aan het hoofd Catherine Ashton biedt op dat vlak heel wat kansen. We krijgen omzeggens onze eigen Hillary Clinton.

Bij het uitbreken van de volksopstand in Egypte slaagden de Europese lidstaten er niet in om een eenduidige verklaring af te leggen. De uitspraken verlopen nu gestroomlijnd, maar men zegt niks. België mag niet passief toekijken tijdens dit kantelmoment in de Arabische wereld; dé uitgelezen kans om democratie duurzaam te verankeren!

Wij roepen de Belgische regering en bij uitbreiding de EU op tot actie. Het is immers zeer cynisch dat Minister Vanackere verklaart dat we de wereld moeten aanvaarden zoals ze is, net nu de situatie in het Midden-Oosten voor vele mensen eindelijk kan veranderen. Gelaten fatalisme helpt de prille revoluties niet vooruit.

 

Door Marleen Temmerman, Dirk Van der Maelen en Bruno Tuybens.

Dit opiniestuk is ook terug te vinden op de nieuwssites dewereldmorgen.be en apache.be.  

 
< Vorige   Volgende >
 Focus  

Balans incident-Coene


 02.05.2012

We blijven het op veel vlakken met z'n allen eens: lekken uit een besloten zitting van het parlement kan niet. Indien ik aan deze zitting had deelgenomen, moest de pers mij alvast niet naar een bevestiging van het lek vragen. Deze dunne koord is niet aan mij besteed, aan anderen wel blijkbaar. Dat heb ik als eerste duidelijk gemaakt in de Kamer, met instemming van alle partijen.
Dat gouverneur Coene afgelopen maandag zo nodig een persontmoeting diende te organiseren om de puntjes op de i te plaatsen, is zijn recht. Zelfs tijdens de beursopening; de notering van Dexia Holding staat vandaag zo laag - als de aandelenkoers met twee eurocent beweegt, stijgt of daalt de notering met ruim 11% ... - dat het mogelijke effect verwaarloosbaar zou zijn geweest.
Er werd de heer Coene gevraagd of hij het parlement misbruikt heeft (schrijvende pers, koester de nuance, ik heb alvast enkel het woord ‘gebruikt' uitgesproken, niet ‘misbruikt'. En neen, ik vit niet, er is wel degelijk een verschil.) en daar antwoordde hij ‘geenszins' op. Het woord ‘hoogdringendheid' zou hij in de commissie niet in de mond hebben genomen, maar anderzijds vindt de gouverneur dat een kapitaalverhoging onafwendbaar is en liever vroeger dan later. Is hier ook een nuance te koesteren?
De bevolking heeft recht op de stand van zaken in dit dossier. Transparantie neemt onrust weg als je kortetermijneffecten minder laat wegen. We dragen met z'n allen Dexia Holding nog minstens een halve generatie mee, en hopelijk komt er terug rust in de markt om de eindfactuur niet te fel te laten oplopen.
Ik heb alvast niet de intentie gehad in de uitoefening van mijn controletaak als parlementslid de heer Coene te ‘gebruiken' of ‘misbruiken'. Iedereen dient zich naar mijn oordeel best aan zijn of haar rol en functie te houden, het is al ingewikkeld genoeg. Een gouverneur van de Nationale Bank dient onrust weg te nemen bij bevolking en financiële markten. Zijn functie is de laatste om golven te veroorzaken en de eerste om golven te breken. Voor een ex-politicus is dit misschien moeilijk, maar niet onmogelijk om pas zichtbaarheid voor zichzelf te creëren als het echt belangrijk of hard nodig is. Vraag is of dat afgelopen maandag zo was. Alleszins is de heer Coene verstandig genoeg om niet zo naïef te zijn.
Ook dit nog: als de Financiënminister, met dit alles in het achterhoofd, in de plenaire Kamer van Volksvertegenwoordigers verklaart dat er geen aanvraag voor kapitaalverhoging is ingediend, zal dat ongetwijfeld de waarheid zijn, maar een nuance was hier toch ook op zijn plaats. ‘Aanval is de beste verdediging', moet de Minister gedacht hebben en een individueel Kamerlid werd geviseerd en genoemd. Het lijkt me beter dat de Minister deze tactiek niet langer toepast. Het doet zijn geloofwaardigheid geen goed. Hij is er ook niet goed in, hij heeft andere kwaliteiten.

 
 
Home
Biografie
Parlement
Zwalm
Regio
Ondernemingen
Mensenrechten
Staatssecretaris '05-'07
Foto's
Links
Nieuwsbrief
Contact