Waar blijft de beloofde aanpak van homofoob geweld? Afdrukken E-mail
10/11/2011
regenboogvlag.jpgVan de beloftes van de regering over de aanpak van homofoob geweld naar aanleiding van een aantal geweldplegingen, is niets in huis gekomen. Dat blijkt na een vraag van Bruno Tuybens aan minister Turtelboom. "Zo blijft het beloofde registratiesysteem achterwege. Het is tijd voor een kordate aanpak."

De voorbije weken doken opnieuw berichten op over geweld vanuit allochtone hoek tegen de holebi-gemeenschap, onder meer in Gent. Naar aanleiding van deze gebeurtenissen ondervroeg sp.a-Kamerlid Bruno Tuybens minister Turtelboom over de aanpak van homofoob geweld.

In maart 2010 stelde Bruno Tuybens reeds een vraag over de groeiende homofobie in de moslimgemeenschap. Het was toen al duidelijk dat er effectief nood was aan bijkomende investeringen en initiatieven in de politieopleiding. Tuybens: “Minister Turtelboom en ik waren toen akkoord dat bij dit probleem een grote rol is weggelegd voor de politie zowel repressief, met een krachtig optreden tegen agressoren, als preventief met o.a. bewustmakingscampagnes." Via registraties van geweld met homofoob karakter zou de problematiek ook in kaart worden gebracht en ‘best practices’ worden ontwikkeld bij de politie.

Ondanks dat er het voorbije anderhalf jaar inspanningen werden gedaan in verband met sensibiliseringsacties rond diversiteit bij de politieopleidingen moet Bruno Tuybens helaas vaststellen dat het beleid nog steeds tekort schiet, zowel op preventief als repressief niveau. “Minister Turtelboom kon geen accuraat beeld geven van het aantal homofobe delicten, aangezien er nog steeds geen registratiesysteem is, ondanks beloofde inspanningen terzake. Daarnaast schuift de Minister de verantwoordelijkheid van de dialoog tussen holebi- en moslimgemeenschap af op het lokale niveau. En dit zonder instructies of begeleiding te geven. Een gemakkelijkheidsoplossing. Ik hoop dan ook dat minister Turtelboom de tijd die haar nog rest als bevoegde Minister het beleid op aangehaalde punten bijschaaft, zodat homofoob geweld kordaat aangepakt wordt”, besluit Tuybens.

 
< Vorige   Volgende >
 Focus  
31.01.2012

De federale regering vond een langverwachte uitweg over de splitsing van BHV, slaagde er in een uitgebalanceerde begroting 2012 op te stellen, maar slaagt er alsnog niet in bij consensus de raad van bestuur van Dexia Bank België samen te stellen. "Omdat de regering vertrekt vanuit een bunkervisie", zegt Tuybens. "Dit is niet consequent ten aanzien van de vraag van de overheid om diversiteit te creëren in bestuursraden en wellicht heeft een loutere partijpolitieke keuze weinig draagvlak bij de bevolking." Hij pleit voor echte onafhankelijke bestuurders, à rato van één op zes.

Het is wetenschappelijk bewezen dat, hoe diverser samengesteld een groep beslissers, hoe meer kans er is dat een genomen beslissing breed gedragen wordt en langetermijnfocus heeft. Vandaar dat het goed zou zijn dat er, naast aangeduide en bekwame overheidsbestuurders, ook echt onafhankelijke bestuurders zouden komen. Het principe is al in 2006 bij de FPIM met succes uitgetest.

Opgelet: we hebben schitterende, enorm bekwame overheidsbestuurders! Maar enkel door de partijen aangeduide vertegenwoordigers zorgen niet voor die nodige diversiteit. Er zijn andere belanghebbenden zoals de klanten, het personeel, en een bedrijf heeft meer verantwoording af te leggen dan louter de aandeelhouders. De Wet van 2 augustus 2002 heeft het systeem van niet-uitvoerende, onafhankelijke bestuurders ingevoerd in het bedrijfsleven. In de Memorie van toelichting staat te lezen : "De aanwezigheid van onafhankelijke bestuurders kan ertoe bijdragen dat de resultaten die de vennootschap genereert ook in het belang van de werknemers zullen kunnen worden aangewend.". Verder ook nog "De onafhankelijke bestuurder wordt aangeduid tot de bewaker van de belangen van de onderneming, met inbegrip van haar werknemers en van de andere stakeholders".

Na zes maand armworstelen met Didier Reynders in de regering slaagde ik in 2006 als staatssecretaris voor overheidsbedrijven bij FPIM twee echte onafhankelijke bestuurders te kunnen aanduiden. Twee nobele onbekende specialisten, die op basis van advertenties in Vacature en Job-At in contact zijn gekomen met deze functies, en waarvan een jury van vier topmensen alles wist van de kandidaten qua skills en motivatie, behalve hun politieke voorkeur. De jury, bestaande uit een academicus en topmensen van CBFA en de Nationale Bank van België, selecteerde objectief en in consensus de meest geschikte kandidaten. De wet bepaalde de criteria van niet-partij-aanhorigheid (zie volledige tekst onderaan). De CEO van bpost, Johnny Thijs, zei me toen vooraf dat het me nooit zou lukken, dat ik absoluut een headhunter onder de arm diende te nemen. De commerciële belangen, het elkaars rug krabben. de headhunters zijn zoals de ratingbureaus : ik schrijf wat je wil, als je ons maar nieuwe opdrachten geeft nadien.

Bovendien schrijven deze twee onafhankelijke bestuurders hun eigen pagina's in het jaarrapport van FPIM, zonder dat iemand mee over de schouders kijkt. Een verantwoording aan de samenleving, niet uitsluitend aan de regering.

Mijn voorstel is dan ook om telkens voor elke zes bestuurders één ‘echt' onafhankelijke bestuurder te benoemen volgens de bestaande FPIM-wetgeving. Dit zal zorgen voor mensen met meer voorbereidingstijd en een breder gezichtsveld. Bovendien sluit een dergelijke samenstelling van de raad van bestuur meer aan bij de wensen en de belangen van de klanten en het personeel van de onderneming. We kunnen als overheid met meer kracht van grote private ondernemingen hetzelfde eisen, meer druk zetten op de effectieve tenuitvoerbrenging van hun eigen corporate governance principes zonder de vluchtweg van de ‘comply or explain' te moeten inslaan, hun maatschappelijke verantwoording is vandaag veel te laag ten opzichte van hun impact.

 
 
Home
Biografie
Parlement
Zwalm
Regio
Ondernemingen
Mensenrechten
Staatssecretaris '05-'07
Foto's
Links
Nieuwsbrief
Contact