 |
|
Wetsvoorstel genderevenwicht binnen raden van bestuur |
|
|
|
15/09/2010 |
sp.a-Kamerlid Bruno Tuybens is reeds geruime tijd een pleitbezorger van genderevenwicht in raden van bestuur. Samen met alle 6 vrouwelijke fractieleden, waaronder Caroline Gennez, diende hij daarom een wetsvoorstel in ter vervrouwelijking van de raden van bestuur van beursgenoteerde ondernemingen en overheidsbedrijven. Tuybens: "Voor een optimale en evenwichtige besluitvorming is het essentieel dat de samenstelling van de top van een onderneming zo divers mogelijk is. Zo worden problemen vanuit verschillende invalshoeken bekeken en is er meer kans op maatschappelijk evenwichtige beslissingen. Daarom strekt het wetsvoorstel ertoe dat ten minste één derde van de leden van de raad van bestuur van het andere geslacht is, en dat na een overgangsperiode van 3 jaar." Het wetsvoorstel spitst zich toe op overheidsbedrijven en beursgenoteerde ondernemingen. Tuybens hoopt dat deze een voorbeeld kunnen worden voor kleinere bedrijven.
Tuybens' keuze voor een dergelijk quotasysteem werd nogmaals gesterkt door het lezen van de studie "Woman on Board, the Norwegian experience" gepubliceerd in juli 2010 door de Friedrich Ebert stichting. De auteurs concluderen dat een quotasysteem een noodzakelijke voorwaarde is voor de vervrouwelijking van ondernemingen. Bedrijven doen immers weinig tot geen inspanningen voor genderdiversiteit indien het niet opgelegd wordt. Zij concluderen eveneens dat het systeem pas werkt indien er ook sancties aan verbonden zijn. Tuybens: "Vele tegenstanders van het quotasysteem stellen dat minder gekwalificeerde personen zullen aangeworven worden en dat er niet genoeg vrouwen zijn met de noodzakelijke ervaring. Uit resultaten van de studie blijkt dat deze vooroordelen compleet uit de lucht gegrepen zijn. 6 jaar na de invoering van het systeem bestaat er in Noorwegen een brede acceptatie en melden de werkgeversorganisaties geen problemen."
Ook Voka West-Vlaanderen en The House of HR zien de noodzaak in van genderevenwicht bij topposities, om de groei van de Vlaamse bedrijven te verzekeren. Volgens hen zijn er genoeg vrouwen die willen doorgroeien, maar hebben zij een steuntje in de rug nodig. Daarom startten zij het initiatief "Yes, She Can", waarbij 15 West-Vlaamse bedrijven bereid zijn als mentor te fungeren voor evenveel vrouwen die meer verantwoordelijkheid willen opnemen binnen het bedrijfsleven. Bruno Tuybens juicht dit initiatief toe en is tevreden dat men ook vanuit werkgeversorganisaties het belang van genderevenwicht inziet, maar blijft daarnaast pleiten voor verplichte maatregelen.
Het is niet de eerste keer dat Tuybens een wetsvoorstel indient betreffende deze problematiek.
In 2009 diende Tuybens een eerste maal een wetsvoorstel in over genderevenwicht in raden van bestuur, dit werd echter niet behandeld. Het amendement met betrekking tot vervrouwelijking van de raden van bestuur ingediend door Tuybens bij het wetsontwerp Deugdelijk Bestuur werd in februari 2010 weggestemd door de meerderheid. Dit gebeurde enkele maanden nadat Minister van Gelijke Kansen Joëlle Milquet (CDH) verklaarde om een gelijkaardig voorstel op de regeringstafel te leggen. De regeringspartijen waren het, ook binnen de eigen partij, duidelijk roerend oneens over de quota voor genderevenwicht.
Bruno Tuybens en de overige ondertekenaars hopen dat de nieuwe Federale Regering eindelijk knopen durft doorhakken omtrent genderdiversiteit in raden van bestuur en het voorgelegde wetsvoorsel zal ondersteunen. Tuybens : "Zonder deze verplichte maatregelen zullen de raden van bestuur in ons land ook in de toekomst een mannenaangelegenheid blijven."
|
|
|
|
 |
| Focus |
|
Balans incident-Coene
02.05.2012
We blijven het op veel vlakken met z'n allen eens: lekken uit een besloten zitting van het parlement kan niet. Indien ik aan deze zitting had deelgenomen, moest de pers mij alvast niet naar een bevestiging van het lek vragen. Deze dunne koord is niet aan mij besteed, aan anderen wel blijkbaar. Dat heb ik als eerste duidelijk gemaakt in de Kamer, met instemming van alle partijen.
Dat gouverneur Coene afgelopen maandag zo nodig een persontmoeting diende te organiseren om de puntjes op de i te plaatsen, is zijn recht. Zelfs tijdens de beursopening; de notering van Dexia Holding staat vandaag zo laag - als de aandelenkoers met twee eurocent beweegt, stijgt of daalt de notering met ruim 11% ... - dat het mogelijke effect verwaarloosbaar zou zijn geweest.
Er werd de heer Coene gevraagd of hij het parlement misbruikt heeft (schrijvende pers, koester de nuance, ik heb alvast enkel het woord ‘gebruikt' uitgesproken, niet ‘misbruikt'. En neen, ik vit niet, er is wel degelijk een verschil.) en daar antwoordde hij ‘geenszins' op. Het woord ‘hoogdringendheid' zou hij in de commissie niet in de mond hebben genomen, maar anderzijds vindt de gouverneur dat een kapitaalverhoging onafwendbaar is en liever vroeger dan later. Is hier ook een nuance te koesteren?
De bevolking heeft recht op de stand van zaken in dit dossier. Transparantie neemt onrust weg als je kortetermijneffecten minder laat wegen. We dragen met z'n allen Dexia Holding nog minstens een halve generatie mee, en hopelijk komt er terug rust in de markt om de eindfactuur niet te fel te laten oplopen.
Ik heb alvast niet de intentie gehad in de uitoefening van mijn controletaak als parlementslid de heer Coene te ‘gebruiken' of ‘misbruiken'. Iedereen dient zich naar mijn oordeel best aan zijn of haar rol en functie te houden, het is al ingewikkeld genoeg. Een gouverneur van de Nationale Bank dient onrust weg te nemen bij bevolking en financiële markten. Zijn functie is de laatste om golven te veroorzaken en de eerste om golven te breken. Voor een ex-politicus is dit misschien moeilijk, maar niet onmogelijk om pas zichtbaarheid voor zichzelf te creëren als het echt belangrijk of hard nodig is. Vraag is of dat afgelopen maandag zo was. Alleszins is de heer Coene verstandig genoeg om niet zo naïef te zijn.
Ook dit nog: als de Financiënminister, met dit alles in het achterhoofd, in de plenaire Kamer van Volksvertegenwoordigers verklaart dat er geen aanvraag voor kapitaalverhoging is ingediend, zal dat ongetwijfeld de waarheid zijn, maar een nuance was hier toch ook op zijn plaats. ‘Aanval is de beste verdediging', moet de Minister gedacht hebben en een individueel Kamerlid werd geviseerd en genoemd. Het lijkt me beter dat de Minister deze tactiek niet langer toepast. Het doet zijn geloofwaardigheid geen goed. Hij is er ook niet goed in, hij heeft andere kwaliteiten.
|
|
 |
|
|
|